Al lang verkeert het vakantietoerisme in de greep van het economisch denken en sociologisch onderzoek. Op deze website wordt een gebalanceerder inzicht aangehouden: de toeristen zelf en hun ontmoeting met hun vakantiebestemming. De toeristen nemen wat hen aangereikt wordt en gebruiken dit voor hun eigen doeleinden; het zijn deze doeleinden die ons het meest interesseren en meer dan 25 artikelen op deze website gaan daar nu juist over: het toerisme van de toeristen.

Onder het hoofdje "Toerisme" is een nieuw artikel van mij toegevoegd over Klimaatsverandering (Juli 2020).

In februari 2020 heb ik een nieuw artikel toegevoegd in de rubriek "Toerisme" getiteld "Fenomenologie en het Toerisme".

Klimaatsverandering

Alle rechten voorbehouden. De gehele of gedeeltelijke reproductie is verboden zonder de toestemming van Marinus C. Gisolf en zonder bronvermelding

Klimaatsverandering: Mythes, Feiten en Vragen

Dit artikel werd in samenwerking met Drs. P. Dercksen, Drs. M.Th. Baayen en Ir. F.van Sluijs ontwikkeld en hun bijdrages hebben enorm geholpen aan de kwaliteit en inhoud ervan.

 1. Inleiding

Het thema waar dit artikel over gaat betreft globale opwarming en klimaatsverandering in het algemeen en is ontstaan op grond van een verwarring door het enorme aantal gepubliceerde artikelen hierover met tegenstrijdige en tweeslachtige opinies. Verder zijn er bekritiseerde internationale verdragen over dit thema en verschillende theorieën met hun fervente aanhangers en vijanden, die ons alleen maar meer verwarren en ons doen afvragen, waar de wereld naartoe gaat.

De temperaturen van de atmosfeer gaan omhoog, wat de meerderheid van wetenschappers en experts in deze materie, politici en de gewone man allemaal gedurende de afgelopen 50 jaar hebben gemerkt, of zelfs langer geleden. Het klimaat verandert voortdurend en dit is een van de weinige zaken, waar we het eens over kunnen zijn van een verder heel verwarrende materie; echter het waarom van deze stijging en de vraag in hoeverre de mensheid in staat is de temperaturen in de atmosfeer te beïnvloeden door middel van een toe- of afname van CO2 opent opeens een wijde en vaak felle discussie.

Als onderdeel van een reeks gesprekken met kennisen van diverse achtergronden zijn wij tenslotte op de hamvraag aangeland die luidt: Hoe belangrijk is de rol van de mensheid in de klimaatsverandering? De speurtocht naar de antwoorden op deze vraag heeft geleid tot een onderzoek op het Internet over wat er over dit thema te vinden is en deze tocht heeft ons vele verrassingen bezorgd en zijn we op intriges gestuit, op gemanipuleer tot op het punt, dat het duidelijk werd dat er geen simpele verklaringen bestaan, noch eenvoudige oplossingen, maar wel dat het klimaatsysteem niet-lineair en chaotische is met terugkoppelingen, wat betekent, dat het bijna onmogelijk is zelfs maar het weer van morgen juist te voorspellen.

2. De belangrijkste thema’s waar we op gestuit zijn:

De hoofdthema’s waar we op gestuit zijn kunnen in vieren verdeeld worden en als volgt samengevat worden (tussen haakjes staan in blauw alleen de meest relevante ‘links’ aangegeven):

2.1 Het klimaat en globale opwarming

Het eerste thema is de opwarming van de aarde en om precies te zijn hoeveel die is, de ontwikkeling en het waarom ervan. Gedurende het Holoceen bij het aflopen van de laatste ijstijd (zo’n 12.000 jaar geleden) kwam de Aarde in een interglaciaal tijdperk terecht, waarbij temperaturen langzaam gingen stijgen, zonder echter een rechte lijn te volgen, maar met pieken en dalen (Paul A. Mayewski et al., 2004). Bijvoorbeeld in Europa waren er warmere periodes gedurende het Romeinse Rijk, daarna was er een kleine ijstijd tussen 1300-1400 en een paar pieken rond 1650, 1770 en 1850 (D.J. Easterbrook, 2016).

De factoren die aan de globale gemiddelde temperaturen bijdragen vormen een gecompliceerd geheel en hangen gedeeltelijk af van de relatie tussen de Zon en de Aarde. Hier kunnen de zonnevlekken genoemd worden, de veranderingen van de aardas tegenover de Zon, de thermale oceaanstromingen, reflectie van radiatie op het aardoppervlak en ook bijvoorbeeld de broeikasgassen. [FECYT Fundación Española para la Ciencia y la Tecnología, 2004.

Daarbij betreft het klimaat een non-linear chaotisch systeem met terugkoppelingen, dat door zijn hoge graad van ingewikkeldheid enigerlei voorspellingen bemoeilijkt; met andere woorden ontbreken er nog veel stukjes van deze ingewikkelde legpuzzel.

Wat wel duidelijk is, dat de variaties van de oppervlaktetemperaturen op Aarde en in de atmosfeer vele oorzaken hebben en niet alleen van CO2-concentraties afhankelijk zijn, maar ook gereguleerd worden door een reeks andere factoren, die als positieve of negatieve terugkoppeling kunnen dienen en waarvan de invloeden dus moeilijk in te schatten zijn. Bijvoorbeeld wordt de functie van waterdamp en van de wolken nog steeds uitgebreid onderzocht, wat ook het geval is bij de invloeden van ijs en sneeuw. Een heel ander voorbeeld is de rol die de oceanen spelen bij de warmtedistributie tussen de polen (de Atlantische stroming heet in het Engels Atlantic Meridional Overturning Circulation AMOC en dan is er de Pacific Decadal Oscillation PDO). De invloed van deze stromingen op het klimaat, de veranderingen van klimaatzones en op de polen zelf is blijbaar tot nu toe onderschat. Alhoewel er aan de polen hogere oppervlakte luchttemperaturen gemeten zijn, is dat in wezen niet het probleem, maar eerder de temperatuur van deze oceaanstroming, zoals gezien kan worden in deze bijdrage van Judith Curry in 2017.

En wat de oceanen betreft zijn er ook de fenomenen van El Niño en La Niña, die in sommige delen van de wereld een sterke invloed op het klimaat gehad hebben, zie onder andere Jacek Piskozub and Dorota Gutowska, 2014. De belangrijkste oorzaken voor temperatuursveranderingen en in het algemeen het gedrag van het klimaat zijn nog lang niet duidelijk. De gletscherspecialist Christian Schlüchter (2011) liet zien dat gedurende het Holoceen er zich belangrijke temperatuursveranderingen voorgedaan hebben en er zelfs verschuivingen geweest zijn van de boomgrens, zoals hier aangegeven.

Wat wel duidelijk is, dat het klimaat verandert, dat er inderdaad een tendens is tot temperatuursverhoging en dat deze feiten niets nieuws tonen, wantgedurende het bestaan van de planeet hebben zich veel drastischer veranderingen voorgedaan.

Met deze opmerkingen over het klimaat vervolgen we nu met de verschijning van de mens op het wereldtoneel.

2.2 Het klimaat en de mens

Het tweede thema van belang gaat over de mate, waarin de mens door zijn acties invloed op het klimaat kan uitoefenen en op welke niveaus. Ontbossing is een van die punten of de hoge CO2-niveaus een ander, waarbij de mens een invloed schijnt uit te oefenen op het klimaat.

De vraag over de rol van CO2-uitstoot wordt al meer dan honderd jaar bestudeerd en niet alleen door de wetenschappelijke sector, maar zeker ook op politiek niveau (zie sectie 2.4). Als wij het uitgebreide pakket publicaties over globale opwarming doornemen, wordt het duidelijk, dat het effect van de CO2 niet alleen het debat domineert, maar ook de opinievorming en de polemiek. De invloed van dit gas met broeikaseffect wordt danvooral besproken om de graad van de invloed ervan, daarna om zijn bronnen en hun respectieve bijdrages, en tenslotte ook om de manier, waarop dit thema op politieke en economische niveaus gebruikt wordt (zie sectie 2.4).

Het broeikaseffect treedt op, wanneer de broeikasgassen het zonlicht (korte golfstraling) door de atmosfeer laten passeren. De Aarde absorbeert dan dit zonlicht, warmt op en straalt vervolgens energie uit via lange-golf infrarode straling, die in de atmosfeer door de broeikasgassen opgevangen wordt en vervolgens naar alle richtingen gereflecteerd en gedeeltelijk dus ook weer terug naar de Aarde. Echter heeft dit effect vooral toepassing op de verwarming van de atmosfeer; daarnaast hoopt deze energie zich bij de oppervlakte op en stijgt door convectie weer naar hogere regionen van de atmosfeer. Warmere lucht betekent ook een hoger gehalte waterdamp, dat weer als positieve terugkoppeling funcioneert, omdat zo weer een hogere temperatuur mogelijk gemaakt wordt. Echter wanneer vochtige lucht stijgt tot een niveau, waar het punt van verzadiging bereikt wordt, wordt er regen gevormd, wat weer een verlies aan energie betekent en een verlaging van de temperatuur. Het een en ander betekent wel, dat het niet altijd duidelijk is of dit hele proces leidt tot positieve of negatieve terugkoppelingen. In de eerste plaats is het van groot belang de temperatuur van de atmosfeer met regelmatig te meten. Dan hebben de verschillende oppervlaktes van de Aarde (nat en droog) ieder hun eigen karakteristieken. Daarbij verwarmt het oceaanwater slechts heel langzaam, terwijl droge oppervlaktes snel opwarmen, maar ook weer snel afkoelen op het moment dat de hittebron (de zon of warme lucht) verdwijnt.

Behalve de CO2 zijn er nog meer factoren, die op een of andere wijze hun invloed op het klimaat uitoefenen, zoals bijvoorbeeld de waterdamp, die het grootste deel van de broeikasgassen uitmaakt en waarvan de aanwezigheid in de atmosfeer onder andere afhangt van de bestaande bebossing op aarde. Urbane opwarming is ook zo’n factor die een rol speelt, maar waarover nog veel data ontbreken en onderzoek nog moet vaststellen, wat de invloed ervan precies is. Al eerder werden de stromingen AMOC en PDO van de oceanen genoemd. Wat wij nu eigenlijk willen weten is hoe groot de invloed van de mens op het klimaatsysteem eigenlijk is en of de mens daadwerkelijk dit systeem kan beïnvloeden.

2.3 De mens en het klimaat

Het derde thema dat in onze gesprekken de kop op stak betreft de manier, waarop menselijke interventie het klimaat kan beïnvloeden (anthropogene invloed). Daarbij verbonden is er het thema over de mate, waarin de mens zijn negatieve als ook positieve invloeden op het klimaat kan aanpassen en dan vooral wat globale opwarming betreft. Het is echter niet altijd duidelijk, wat precies de effecten en gevolgen van anthropogene invloeden zijn. Daarbij begint wel duidelijk te worden, dat dit thema direct ook een andere discussie opgang brengt: de invloed van anthropogene activiteiten op het milieu. Het komt nog wel eens voor, dat in de pers de begrippen milieu en klimaat door elkaar gehaald worden en – erger nog –, dat er een directe relatie tussen die twee zou bestaan, terwijl een ding duidelijk is, en dat betreft het feit, dat welke invloed dan ook van het klimaat op het milieu en andersom van indirecte aard is, daar het in beide gevallen om niet-lineaire chaotische systemen gaat, die voortdurend aan terugkoppelingen onderhevig zijn.

Allereerst kijken wij naar het geval van de CO2, die zowel gunstige als kwalijke invloeden kan hebben. De CO2 is van letterlijk vitaal belang voor vegetatie in het algemeen en een stijging van het gehalte ervan in de atmosfeer helpt de plantengroei en verklaart ook gedeeltelijk, waarom in de afgelopen 20 of 30 jaar de “groene” gebieden op aarde toegenomen zijn.

De CO2 die door industriële activiteiten geproduceerd wordt vormt onderdeel van de zogenaamde broeikasgassen, waarvan waterdamp de belangrijkste is. De effecten van deze gassen op de atmosfeer vormen ook een deel van het zo gecompliceerde klimaatsysteem van onze planeet. Gedurende de afgelopen 400.000 jaar (waarin 4 ijstijden vielen) was het CO2 gehalte in de atmosfeer vrij stabiel, ergens tussen de 280 en 300 delen per miljoen (parts per million – ppm), wat laag is als we ons realiseren, dat het minimum om leven op aarde te garanderen 150 ppm is, zie bijgaande uitleg. In voorgaande periodes was dit een stuk hoger. Daarbij moet vermeld worden, dat bijvoorbeeld voor de tuinbouw een CO2 gehalte van op zijn minst 1.000 ppm ideaal zou zijn (vandaar het belang van kassen voor de tuinbouw). Het niveau nu ligt rond de 400 ppm.

De discussie rond de CO2 gaat gedeeltelijk over de mate, waarin dit gas verantwoordelijk gesteld kan worden voor een verhoging van de globale temperatuur. Al in 1896 berekende de wetenschapper Arrhenius, dat wanneer het gehalte van CO2 verdubbelt, de globale temperatuur met ongeveer één graad stijgt, zie ook Lewis, N. en Curry, J.A.(2014).

Er moet nog veel onderzocht worden om te weten hoe deze systemen nu precies werken en tegelijkertijd moet men zich realiseren, dat de door de mens veroorzaakte uitstoot ongeveer 4,5% van de totale circulatie van CO2 in de wereld betreft. Daarbij wordt over het algemeen de invloed onderschat van waterdamp op de oppervlakte temperaturen van de aarde en het is duidelijk dat bijvoorbeeld ontbossing in die zin heel schadelijk kan zijn voor het waterbeheer van het milieu (Yale School of Forestry & Environmental Studies, 2018)

Het is duidelijk, dat landen moeten reageren op de mogelijke dreigingen die langzame klimaatsveranderingen teweeg kunnen brengen en dat preventie hierbij een vitale rol kan spelen. We hebben het dan over bijvoorbeeld de rijzing van de zeespiegel (tectonische bewegingen spelen daarbij ook een rol), lange periodes van droogte of juist veel regenval, of de sterkte van orkanen, alhoewel de IPCC (zie sectie 2.4) aangeeft, dat de frequentie ervan gedaald zouden zijn. De groei van urbane zones op wereldniveau speelt zeker ook een belangrijke rol en zou wel eens het klimaat meer kunnen beïnvloeden dan alleen de CO2.

De redenen voor de wat extremere weertypes kan tot verschillende oorzaken herleid worden, zie O’Reilly, C.H.; Woollings, T. and Zanna, L.

Daarbij is het ook nog onzeker inhoeverre de pogingen op wereldniveau de CO2-uitstoot te verminderen inderdaad positieve effecten opleveren of niet.

2.4 Het klimaat van de Aarde en het klimaat volgens de Mens

Het vierde thema is van geheel andere aard en gaat over de houding, de besluiten en het beleid van maatschappijen wat betreft klimaatsverandering en het milieu. Een groot deel van het debat over klimaatsverandering gaat niet direct over wetenschappelijk aantoonbare feiten, maar draait eerder om politieke agenda’s, economisch beleid, korte en middenlange termijnplanning en steeds meer om financiële koersen die gevold moeten worden. Met andere woorden, de informatie die door wetenschappers gegenereerd wordt moet een lange en ingewikkelde weg afleggen, voordat die bij het algemene publiek belandt, waarbij deze informatie een reeks filters passeert, gebaseerd om politieke inzichten, financiële interesses of het manipuleren van de publieke opinie, wat tenslotte tot verdraaiingen, veranderingen of het weglaten van informatie kan leiden.

Al in de jaren tachtig waarschuwde Maurice Strong, dat een verandering van levensstijl noodzakelijk was met consumptiepatronen die minder schadelijk voor het milieu moesten zijn. Dezelfde Strong was de eerste voorzitter van het Milieu Programma van de VN (UNEP in het Engels) en de drie hoofdthema’s waren toen de luchtvervuiling, het opraken van fossiele brandstoffen en de rol van de CO2. Uit dit initiatief werd de “Intergovernmental Panel on Climate Change (IPCC) geboren in 1988, waarvan de missie was de wereld van een objectieve en wetenschappelijke opinie te voorzien aangaande klimaatsverandering, de invloeden ervan, de praktische, politieke en economische risico’s die veroorzaakt konden worden en mogelijke oplossingen ervoor. Dus van het begin af aan was de voornaamste rol van het IPCC specifieke informatie te verschaffen, die steun biedt bij het nemen van beslissingen die met klimaatsverandering te maken hebben en de anthropogene invloeden die er een rol in spelen. In 2007 werd de Nobelprijs voor de vrede in gelijke delen uitgereikt aan de IPCC en de voormalige vice-president van de VS Al Gore.

De IPCC is voor alles een politieke organisatie en de rapporten die het publiceert zijn gebaseerd op de bijdrages van vele wetenschappers van het hoogste niveau, maar met het verloop der jaren realiseerden zich veel wetenschappelijke onderzoekers, dat maar heel weinig van het materiaal wat zij aandroegen in de rapporten terug te vinden was. Er ontstond kritiek op de IPCC en in 2010 werd een onderzoek ingesteld met het doel IPCC’s capaciteit om transparentie na te streven, als ook een breder scala aan wetenschappelijke opinies weer te geven versterkt moest worden, wat tezamen met verbetering van interne procedures moest leiden tot het verminderen van mogelijke fouten in de toekomst.

Gedurende de afgelopen vijftig jaar na de beroemde publicatie van de Club van Rome (q189), die de wereld waarschuwde voor de donkere toekomst van het milieu en globale opwarming, zijn er een reeks voorspellingen gedaan aangaande de ontwikkeling van de planeet, die niet allemaal uitgekomen zijn, zoals bijvoorbeeld het geval van het schaars raken van fossiele brandstoffen rond het jaar 2020 (q227).

Een ander voorbeeld waren de cijfers die de IPCC gepubliceerd had en die aanzienlijk hoger waren dan de voorspellingen van vele universiteiten.

In overeenstemming met de jaarlijkse IPCC rapporten werd de term Global Warming vervangen voor ‘Climate Change’, met nadruk op de rol van de mens hierin. Met andere woorden werd de klimaatsproblematiek veranderd in een thema dat ons allen raakt en niet alleen de zware industrie, de oorlogen of het overdreven gebruik van auto’s.

Er groeide in principe een beweging, die een brug moest slaan tussen het milieu en het klimaat met de gedachte dat beide sterk onder invloed staan van het doen en laten van de mensheid. Het verband dat er tussen milieu en klimaat gelegd werd was de CO2, die opgevoerd werd als de voornaamste oorzaak van globale opwarming, maar tegelijkertijd ook zeker door de mens gecontroleerd kon worden. Om dat te kunnen bereiken zijn er investeringen nodig van miljarden dollars om onder andere de CO2 uitstoot te kunnen verminderen of op zijn minst te neutralizeren.

Al vele jaren geven de meeste internationale organisaties op zowel politiek (VN, EU bijv.) als financieel niveau (World Bank, IMF) een exclusieve voorkeur aan alle initiatieven die ook maar iets met klimaatsverandering te maken zouden kunnen hebben tot het punt, dat men over een “klimaatscrisis” begon te praten.

Waar dan de nadruk op gelegd wordt bij het besturen van deze zogenaamde crisis, is de capaciteit om te kunnen reageren op de effecten ervan en dan ook op de slechte praktijken en inefficiënt beheer door de mensheid al vanf de 19e eeuw. Het gaat dan om het behandelen van risico, anticiperen van schade, vroege alarmsystemen, aanpassingsvermogen en het herstel, onder andere, om de gigantische investeringen te kunnen rechtvaardigen, die het kapitalisme op wereldniveau nodig heeft om zijn voortbestaan te kunnen garanderen. Dit komt erop neer, dat zich een panorama opent van financiële en politieke intereses in de CO2 problematiek in al zijn facetten en die daarmee wetenschappelijk onderzoek op dit gebied interpreteert zoals het die interesses het beste uitkomt.

3. Globale Opwarming: Mythes, Feiten en Vragen

Onze zoektocht op het Internet heeft ons langs bochtige wegen geleid dwars door niet lineaire systemen, door een chaos overspoeld met terugkoppelingen, wat verder welke voorspelling dan ook van het klimaatsgedrag in de toekomst een hachelijke zaak maakt.

De relatie tussen het klimaat en globale opwarming hebben wij bekeken, als ook de wederzijdse invloeden die er bestaan tussen het klimaat en het daarop betrokken menselijk gedrag. Daarmee verbonden is ons de manier opgevallen, waarop de enorme hoeveelheid informatie die in de media te vinden is behandeld wordt op zowel sociale pagina’s als in politieke en economische publicaties. Er zijn een reeks argumenten die of voor of tegen de bestaande opinies opgevoerd kunnen worden om de klimaatproblematiek te benaderen en hier volgt een korte samenvatting ervan:

  1. Het is duidelijk, dat het klimaat voortdurend verandert, daar dit eigen is aan zijn systeem; in dit interglaciale tijdperk is er een tendens, dat de globale temperaturen stijgen, alhoewel zeker gedurende de afgelopen 1000 jaar of zo er duidelijke fluctuaties geweest zijn om tot nu toe onduidelijke redenen.

  2. Afgezien van een matige temperatuur stijging (in de orde van 1 tot 2 graden gedurende de afgelopen 100 jaar), kan een verdere stijging verwacht worden. De vraag is nu of de toename van het CO2 gehalte in de atmosfeer (van een niveau van 280 ppm aan het einde van de 19e eeuw tot 400 ppm nu) een betekenisvolle bijdrage levert aan de stijging van de globale temperatuur. Onze zoektocht heeft uitgewezen, dat er inderdaad in die zin een invloed bestaat, maar slechts van bescheiden aard, vooral omdat er geen directe relatie bestaat, maar dat invloeden zelf weer onderhevig zijn aan die van andere factoren, wat weer een typische eigenschap is van niet-lineaire chaotische systemen. Daarbij is de CO2 slechts een van meerdere boeikasgassen, want daarnaast is waterdamp heel belangrijk en ook methaan.

  3. Er is zeker een invloed van de mensheid op het klimaat en onder andere op het niveau van de CO2-uitstoot, maar daarnaast bestaan er ook andere factoren, zoals de invloed van her- en ontbossing, water- en luchtvervuiling en in het algemeen het milieubeheer, wat dan in de eerste plaats betrekking heeft op de kwaliteit van het dagelijkse leven van de mens. Daarnaast is er ook de invloed van het milieu op het klimaat, maar door de ingewikkeldheid van zowel milieu- als klimaatsystemen, is deze invloed niet duidelijk, noch wat de effecten ervan zijn of de consequenties. Het is dus van belang duidelijk voor ogen te hebben, dat het klimaat een zaak behelst, maar de effecten op het milieu ervan een heel ander verhaal is, en dit geldt ook vice versa.

  4. Er kan gesteld worden, dat de wetenschappelijke resultaten van universiteitsonderzoek over de hele wereld niet altijd in dezelfde richting wijzen, maar vaak op verschillende manieren geïnterpreteerd kunnen worden, wat dan vaak leidt tot discussies binnen de wetenschappelijk wereld, maar daardoor zich verder lenen voor verschillende politieke en economische interpretaties, als ook op niveau van de populaire media of milieubescherming bijvoorbeeld, waarbij ieder de wetenschappelijke discussies en resultaten naar eigen goeddunken uitlegt. Hieraan verwant is het thema over de enorme bres, die zich geopend heeft tussen vooral de politieke interpretaties aan de ene kant en de ontwikkeling van onafhankelijk wetenschappelijk onderzoek aan de andere. Het zou natuurlijk een samenloop van omstandigheden kunnen zijn, dat in tijden van post-kapitalistische veranderingen er zich ook versnelde klimaatsveranderingen zouden voltrekken, maar vele indicaties wijzen erop, dat deze samenloop geregeld is en samenvalt met de doelstellingen voor het re-activeren van de wereldeconomie. Volgens de onafhankelijke organisatie Climate Intelligence (CLINTEL) bestaat er geen klimaatscrisis en tegelijkertijd benadrukt dit instituut het belang, dat de klimatologische wetenschappen zich minder met politiek bezighouden, terwijl het klimatologisch politiekbeleid meer wetenschappelijk moet zijn.(CLINTEL)

Wij hebben een hele reeks feiten gepresenteerd en zijn op een reeks mythes gestuit in de zin van wat het publiek in het algemeen gelooft, maar niet wetenschappelijk onderbouwd is, maar uiteindelijk blijven wij met meer vragen zitten dan antwoorden. Een ervan heeft te maken met de reacties of antwoorden van ‘s werelds religies of religieuze groeperingen op de problematiek van klimaatsopwarming. Zover wij hebben kunnen zien is er op het Internet weinig te vinden van de kant van religieuze wereldleiders aangaande mogelijke maatregelen om broeikaseffecten te pareren. Bij deze stilte kunnen we ook nog het duidelijke gebrek aan interesse toevoegen van twee landen die samen meer dan de helft van de wereldbevolking leveren: China en India. Op zijn minst op het Internet valt er van massieve campagnes om globale opwarming tegen te gaan niets te bespeuren, terwijl er inderdaad uitgebreide programma’s getoond worden voor een duurzamer beheer van het milieu. Het belang van deze observaties ligt in het feit, dat dit aangeeft dat de term “globaal” misschien wat lokaler gezien moet worden en zich dus eigenlijk beperkt tot de westerse wereld, die nauw verbonden is met neoliberale-kapitalistische systemen. Dit roept dus de vraag op over de politiek-economische invloeden die hier een rol bij spelen en in die zin alleen maar meer onzekerheden oproepen.Als wij nu de COVID-19 epidemie van 2020 erbij betrekken en de bijna dramatische gevolgen bezien, die bijna alle economieën ter wereld getroffen hebben, zou het best mogelijk kunnen zijn, dat de grote spelers op wereldniveau zoals de VS, China, Rusland of de EU niet langer prioriteit verlenen aan klimaatsverandering, maar zich eerder concentreren op het voorkomen van een instorting van hun economische systemen. Het wordt dan wel duidelijk dat het redden van het milieu en het steunen van een duurzame ontwikkeling voor het bestrijden van armoede, honger of racisme onder andere, aan belang ingeboet hebben op de wereldagenda’s. Het is de derde wereld die het meest te lijden heeft en niet anders kan dan de enorme leningen te accepteren, die de eerste wereld hen biedt, maar daarmee verder in de schulden raken. De urgentie om globale opwarming te bestrijden vermindert, maar wat ons aanzienlijk meer zorgen baart is het milieu en de duurzame ontwikkeling ervan, die niet langer ondergeschikt kunnen zijn aan een economische ontwikkeling die niet alleen schadelijk voor het milieu is, maar tot op zekere hoogte ook voor het klimaat van onze planeet.

Dit artikel werd in samenwerking met Drs. P. Dercksen, Drs. M.Th. Baayen en Ir. F.van Sluijs ontwikkeld en hun bijdrages hebben enorm geholpen aan de kwaliteit en inhoud ervan.

» Deze website is niet commercieel en genereert geen inkomsten; daarom wordt het op prijs gesteld, wanneer diegenen die de inhoud ervan actief gebruiken (werkzaam in het toerisme, studenten en academici) een vrijwillige donatie maken – klein en symbolisch als die ook mag zijn – door op de DONATE toets te drukken (Paypal systeem) onderaan deze pagina «

Alle rechten voorbehouden. De gehele of gedeeltelijke reproductie is verboden zonder de toestemming van Marinus C. Gisolf en zonder bronvermelding

Geef een reactie


× 3 = 15